Wat is er Nieuw?
Zeewaterforum.info

U bezoekt ons forum als gast, wij zouden het leuk vinden als u zich registreert en aktief mee discussieert in de verschillende topics.

Hoe hou je glas anemonen onder controlle ?

hoi het is een zeer krachtige laser en ik ga hem zeker uitproberen. voordeel van dat hij onder water kan en dat je de glasanemoon van dichtbij kan weglaseren. als hij goed werkt zet ik hem op youtube en misschien ga ik hem dan te koop aanbieden reken op ongeveer 65 euro.
 
Wat oliebbommel mij verteld was dat de laser die hij heeft besteld waterbestendig is, hierdoor heb je iig het probleem weerspiegeling al van het probleemlijstje.

Totdat je op een glazig stukje steen schijnt en er een deel van de laserstraal wordt gereflecteerd. Maar goed, ik wil je alleen even waarschuwen. Lasers zijn gevaarlijk.
 
Helemaal eens met Mr.T
Je bent namelijk wel bezig met straling, en ik denk niet dat jullie allemaal een cursus stralingshygiene 5a hebben gehad. :eek:
Dit is namelijk verplicht voordat je met straling mag werken!
Bij deze een oefen examen:
(ben benieuwd of mensen er uberhaupt iets van begrijpen)



[h=1]Proefexamen niveau 5A[/h][h=2]Cursusmateriaal stralingsbescherming[/h][h=6]Bij elk van de volgende vragen moet het juiste antwoord worden aangekruist. Per vraag is maar één antwoord juist. De goede antwoorden vindt u hier. Het examen is gebaseerd op de leerstof behandeld in de zesde druk van het boek Praktische Stralingshygiëne van G. Brouwer en J. van den Eijnde (ISBN 978-90-77423-61-5).[/h]
  1. Waardoor wordt het aantal elektronen in de elektronenwolk van een neutraal atoom bepaald?
    1. atoomnummer van de kern
    2. massagetal van de kern
    3. verschil van massagetal en atoomnummer van de kern
    4. aantal neutronen in de kern
  2. Wat is een Auger-elektronen?
    1. mono-energetisch elektron dat wordt uitgezonden door de atoomkern
    2. elektron dat wordt vrijgemaakt door absorptie van een γ-foton
    3. mono-energetisch elektron dat wordt uitgezonden als alternatief van een röntgenproces in de elektronenwolk
    4. elektron dat wordt uitgezonden bij het ontstaan van remstraling
  3. Vul de zin aan: De twee nucliden [SUP]18[/SUP] [SUB]9[/SUB]F en [SUP]19[/SUP] [SUB]9[/SUB]F...
    1. zijn isotopen
    2. zijn isomeren
    3. hebben hetzelfde massagetal
    4. geen van de onder [a] tot en met [c] gegeven antwoorden is juist
  4. Een bron van 1 MBq blijkt 20 weken later nog een activiteit te hebben van 1 kBq. Welke is de halveringstijd?
    1. ongeveer 1 week
    2. ongeveer 10 dagen
    3. ongeveer 2 weken
    4. ongeveer 20 dagen
    [h=6]Gebruik bij de beantwoording van de volgende vraag de meetgegevens in figuur A.[/h]
  5. De resultaten van een activiteitsmeting zijn weergegeven in figuur A. Hierin is verticaal het aantal telpulsen per seconde uitgezet tegen horizontaal de tijd in seconden. Hoe groot is de halveringstijd van het betreffende radionuclide?
    1. ongeveer 15 seconden
    2. ongeveer 25 seconden
    3. ongeveer 55 seconden
    4. ongeveer 100 seconden
  6. De isomeer [SUP]119m[/SUP]Sn vervalt via interne conversier. Wat wordt er behalve conversie-elektronen nog meer uitgezonden door een radioactieve bron die dit nuclide bevat?
    1. α-deeltjes
    2. β[SUP]+[/SUP]-deeltjes
    3. β[SUP]-[/SUP]-deeltjes
    4. γ- en röntgenfotonen


verval_In115m.gif

  • Hierboven staat het vervalschema van [SUP]115m[/SUP]In. Welke van de onderstaande uitspraken is juist?
    1. [SUP]115m[/SUP]In is een zuivere β-emitter
    2. [SUP]115[/SUP]In is een zuivere β-emitter
    3. [SUP]115[/SUP]In kent geen isomeer
    4. [SUP]115[/SUP]Sn is radioactief
  • Vul de zin aan: Een ingekapselde bron is...
    1. NIET altijd omgeven door een metalen omhulling
    2. WEL altijd omgeven door een metalen omhulling
    3. nooit de oorzaak van een uitwendige besmetting
    4. altijd getest op de onderdelen temperatuur en thermische schok, druk, stoten, vibratie en puntbelasting
  • Een elektronenbundel wordt gestopt in een metalen plaat, waardoor er karakteristieke röntgenstraling ontstaat. Van welke van de onderstaande factoren hangt de energie van deze karakteristieke röntgenstraling NIET af?
    1. dikte van de plaat
    2. energie van de elektronen
    3. intensiteit van de elektronenbundel
    4. geen van de onder [a] tot en met [c] genoemde factoren heeft invloed op de energie van de karakteristieke röntgenstraling
  • Door welk materiaal worden thermische neutronen het minst goed afgeschermd?
    1. water
    2. polyetheen
    3. paraffine
    4. lood
  • Hoe diep dringen 5 MeV α-deeltjes door in lucht?
    1. enkele micrometers
    2. enkele millimeters
    3. enkele centimeters
    4. enkele meters
  • Hoe groot is de maximale dracht van 1 MeV β-straling in lucht?
    1. ongeveer 0,4 cm
    2. ongeveer 4 cm
    3. ongeveer 40 cm
    4. ongeveer 400 cm
  • Wat is het foto-effect?
    1. een β-deeltje draagt zijn energie over aan een elektron
    2. een foton wordt geabsorbeerd door een elektron
    3. een foton verliest een deel van zijn energie
    4. een foton wordt verstrooid
  • Welk fysisch proces overheerst bij de wisselwerking van γ-fotonen met een lage energie?
    1. het foto-effect
    2. het Compton-effect
    3. paarvorming
    4. annihilatie
  • Wat wordt door de dosisopbouwfactor B in rekening gebracht?
    1. het effect van herhaalde stralingsdoses
    2. de sommatie van meerdere inwendige besmettingen
    3. de sommatie van meerdere radioactieve oppervlaktebesmettingen
    4. de bijdrage van verstrooide straling tot de dosis
  • De γ-straling van een [SUP]60[/SUP]Co-bron wordt afgeschermd door lood met een dikte van vijf halveringsdiktes. Welk deel van de oorspronkelijke γ-intensiteit is er dan nog over?
    1. ongeveer 0,3
    2. ongeveer 0,1
    3. ongeveer 0,03
    4. ongeveer 0,01
    [h=6]Gebruik bij de beantwoording van de volgende vraag de transmissie van lood voor γ-straling volgens figuur B.[/h]
  • Welke is de halveringsdikte van lood voor de γ-straling van [SUP]137[/SUP]Cs ?
    1. ongeveer 2,5 mm
    2. ongeveer 4,5 mm
    3. ongeveer 7 mm
    4. ongeveer 13 mm
  • Om welke reden wordt een Geiger-Müllerbuis zo vaak toegepast?
    1. omdat hij γ-straling zo gevoelig meet
    2. omdat hij een kleine dode-tijd heeft
    3. omdat hij γ-energieën zo nauwkeurig meet
    4. omdat hij zo goedkoop is
  • Bij welke van de volgende detectoren spelen dode-tijdeffecten het eerst een rol als het teltempo groter wordt?
    1. NaI-detector
    2. Ge-halfgeleiderdetector
    3. Geiger-Müllerbuis
    4. proportionele telbuis
  • Een NaI-detector wordt gebruikt voor de detectie van γ-straling. Bij elke wisselwerking van een γ-foton met het detectormateriaal ontstaat er aan de uitgang van de detector een elektronisch signaal.
    Vul de zin aan: Bij een vaste instelling van de apparatuur is de grootte van dat signaal...
    1. evenredig met de intensiteit van de straling
    2. evenredig met de in het NaI afgegeven energie
    3. evenredig met het aantal geabsorbeerde γ-fotonen
    4. omgekeerd evenredig met het kwadraat van de afstand tot de bron
  • Voor welke soort meting wordt een vloeistofscintillatieteller meestal gebruikt?
    1. meten van γ-spectra
    2. meten van γ-activiteit
    3. meten van β-activiteit
    4. meten van β-spectra
  • Men wil van een β-bron het dosistempo meten. De maximale β-energie is 1 MeV. Welke detector verdient in dit geval de voorkeur?
    1. Geiger-Müllerbuis met eindvenster, die aanwijst in deeltjes per seconde
    2. Geiger-Müllerbuis met een alzijdige wanddikte van 1 g/cm[SUP]2[/SUP], die aanwijst in mSv per uur
    3. ionisatiekamer met een venster met een dikte van 7 mg/cm[SUP]2[/SUP], die aanwijst in μGy per uur
    4. ionisatiekamer met een alzijdige wanddikte van 1 g/cm[SUP]2[/SUP], die aanwijst in mSv per uur
  • Men ontvangt een radioactieve bron met onbekende eigenschappen. Met welke meetmethode kan men vaststellen welk radionuclide deze bron bevat?
    1. activiteitsmeting
    2. dosistempometing
    3. besmettingsmeting
    4. spectrometrie
  • Bij welke soort meting wordt GEEN gebruik gemaakt van een veelkanaalsanalysator?
    1. activiteitsmeting
    2. dosistempometing
    3. besmettingsmeting
    4. γ-spectrometrie
  • Voor welke berekening wordt de stralingsweegfactor w[SUB]R[/SUB] gebruikt?
    1. de omrekening van equivalente dosis naar effectieve dosis
    2. de omrekening van geabsorbeerde dosis naar equivalente dosis
    3. de omrekening van geabsorbeerde dosis naar effectieve dosis
    4. de omrekening van effectieve dosis naar effectieve volgdosis
  • Welke van de onderstaande uitspraken is NIET juist?
    1. exposie wordt alleen gebruikt in geval van röntgen- en γ-straling
    2. geabsorbeerde dosis wordt uitsluitend gebruikt in geval van geladen deeltjes
    3. equivalente dosis is een maat voor de stralingsschade in weefsel als gevolg van blootstelling aan ioniserende straling
    4. effectieve dosis is een maat voor het overlijdensrisico als gevolg van blootstelling aan ioniserende straling
  • Vul de zin aan: Een grote waarde van e(50) betekent...
    1. een grote radiotoxiciteit
    2. een kleine radiotoxiciteit
    3. dat de stof langzaam door het lichaam wordt uitgescheiden
    4. dat de stof snel door het lichaam wordt uitgescheiden
  • Een werknemer bij een deeltjesversneller is blootgesteld geweest aan een geabsorbeerde γ-dosis van 1,0 mGy en een neutronendosis van 0,5 mGy. De stralingsweegfactor van de betreffende neutronen is w[SUB]R[/SUB] = 8. Deze dosis was over het gehele lichaam hetzelfde. Hoe groot was de ontvangen effectieve dosis?
    1. 1,0 mSv
    2. 1,5 mSv
    3. 4 mSv
    4. 5 mSv
  • Tijdens een katheterisatie ontvangen de longen een geabsorbeerde dosis van 100 mGy. De stralingsweegfactor is w[SUB]R[/SUB]= 1 en de weefselweegfactor voor de longen is w[SUB]longen[/SUB] = 0,12. Welke van de onderstaande beweringen is juist?
    1. de equivalente orgaandosis is 12 mSv
    2. de equivalente orgaandosis is 830 mSv
    3. de effectieve dosis is 12 mSv
    4. de effectieve dosis is 830 mSv
  • Welke weefsels zijn in het algemeen het meest stralingsgevoelig?
    1. weefsels die de meeste straling ontvangen
    2. weefsels waarvan de cellen veelvuldig delen
    3. weefsels die gelegen zijn in de buikholte
    4. weefsels waarvan de cellen niet meer delen
  • Welke uitspraak betreffende de biologische gevolgen van straling is juist?
    1. stochastische effecten kennen geen latentieperiode
    2. deterministische effecten kunnen na elke dosis ioniserende straling optreden
    3. voor stochastische effecten valt er een direct oorzakelijk verband te leggen met de ontvangen stralingsdosis
    4. bij deterministische effecten is er een duidelijk verband tussen de ontvangen dosis ioniserende straling en de ernst van het opgetreden klinisch waarneembare effect
  • Voor welk van de onderstaande effecten van ioniserende straling is de kans van optreden NIET evenredig met de dosis?
    1. deterministische effecten
    2. stochastische effecten
    3. genetische effecten
    4. leukemie
  • Wat is het gevolg van een acute stralingsdosis van 100 Gy over het gehele lichaam?
    1. acute hartstilstand
    2. dood binnen enkele dagen
    3. overlijdensrisco van 50%
    4. overlijdensrisco van 50% mits adequate medische behandeling plaatsvindt
  • Een ongeboren vrucht ontvangt in de eerste tien dagen na de conceptie een geabsorbeerde dosis van 0,5 Gy. Wat is hiervan het mogelijke gevolg?
    1. sterfte voor de geboorte
    2. sterfte relatief kort na de geboorte
    3. niet dodelijke afwijkingen zoals misvormingen en achterlijkheid
    4. tumoren in het latere leven
  • Hoe groot is het overlijdensrisico bij de gemiddelde mens tengevolge van stochastische effecten na blootstelling aan ioniserende straling?
    1. ongeveer 0,01 per sievert
    2. ongeveer 0,02 per sievert
    3. ongeveer 0,05 per sievert
    4. ongeveer 0,10 per sievert
  • Wat houdt het ALARA-principe in?
    1. de toepassing moet gerechtvaardigd zijn, dat wil zeggen dat de resultaten nuttig zijn en opwegen tegen de nadelen
    2. alle alternatieve mogelijkheden waarbij geen straling wordt toegepast genieten zonder meer de voorkeur
    3. er mogen geen dosislimieten worden overschreden
    4. de resulterende stralingsdosis moet zo laag mogelijk worden gehouden
  • Welke is de wettelijke jaarlimiet voor de effectieve dosis van blootgestelde werknemers?
    1. 100 μSv
    2. 2 mSv
    3. 20 mSv
    4. 50 mSv
  • Welke is de wettelijke jaarlimiet voor de ooglens van blootgestelde werknemers?
    1. 20 mSv
    2. 50 mSv
    3. 150 mSv
    4. 500 mSv
  • Vul de zin aan: Het dragen van een persoonsdosismeter is verplicht voor...
    1. uitsluitend blootgestelde werknemers in categorie A
    2. uitsluitend blootgestelde werknemers in categorie B
    3. blootgestelde werknemers in categorie A en categorie B
    4. alle werknemers die blootgesteld zijn aan ioniserende straling
  • Vul de zin aan: Een ruimte moet volgens het Besluit Stralingsbescherming worden aangemerkt als bewaakte zone als de mogelijk te ontvangen effectieve jaardosis...
    1. groter is dan 1 mSv maar kleiner dan 6 mSv
    2. groter is dan 6 mSv maar kleiner dan 10 mSv
    3. groter is dan 10 mSv maar kleiner dan 20 mSv
    4. groter is dan 20 mSv
  • Welke maatregel leidt tot de grootste afname van het dosistempo ?
    1. de activiteit met een factor 3 verminderen
    2. de werktijd met een factor 3 verkorten
    3. de activiteit met een factor 3 verminderen en tevens de werktijd met een factor 3 verkorten
    4. de werkafstand met een factor 2 vergroten
  • Een firma verzendt een flesje met [SUP]131[/SUP]I. Het flesje zit in een loodpot. Zonder deze loodafscherming bedraagt het equivalente dosistempo op 1 meter van de verpakking 1 mSv per uur. Hoe dik moet de loodafscherming minimaal zijn om aan de wettelijke limiet van 100 µSv per uur te voldoen?
    1. 2,5 mm
    2. 6,5 mm
    3. 10 mm
    4. 14 mm
  • Op 1 meter van een [SUP]137[/SUP]Cs-ijkbron bedraagt het dosistempo 1,35 μGy per uur. De bronconstante van [SUP]137[/SUP]Cs is GAMMA = 0,09 μGy m[SUP]2[/SUP] MBq[SUP]-1[/SUP] h[SUP]-1[/SUP]. Welke is de activiteit van deze ijkbron?
    1. ongeveer 150 kBq
    2. ongeveer 1,5 MBq
    3. ongeveer 15 MBq
    4. ongeveer 150 MBq
  • Een ingekapselde bron van 80 GBq [SUP]137[/SUP]Cs blijkt lek te zijn. Hierdoor heeft een werknemer 0,001% van deze activiteit ingeslikt. De effectieve dosiscoëfficiënt van [SUP]137[/SUP]Cs is 1,3×10[SUP]-8[/SUP] Sv/Bq. Hoe groot is de effectieve volgdosis voor deze werknemer?
    1. ongeveer 0,01 mSv
    2. ongeveer 0,1 mSv
    3. ongeveer 1 mSv
    4. ongeveer 10 mSv
  • Bij een röntgentoestel wordt de buisspanning verlaagd. Verder worden de instellingen van het toestel niet veranderd. Wat is het gevolg van deze verlaging?
    1. de energie van de karakteristieke röntgenstraling neemt toe
    2. de energie van de karakteristieke röntgenstraling neemt af
    3. de energie van de karakteristieke röntgenstraling blijft gelijk
    4. de intensiteit van de straling blijft gelijk
  • Bij een röntgentoestel wordt de stroom door de buis verhoogd. Verder worden de instellingen van het toestel niet veranderd. Wat is het gevolg van deze verhoging?
    1. de energie van de karakteristieke röntgenstraling neemt toe
    2. de energie van de karakteristieke röntgenstraling neemt af
    3. de energie van de karakteristieke röntgenstraling blijft gelijk
    4. de intensiteit van de straling blijft gelijk
  • Welke maatregel(en) moet men nemen om te voorkomen dat een radioactieve bron zoekraakt?
    1. registratie van het gebruik van alle bronnen
    2. plaatsing van een waarschuwingsbord tijdens het gebruik van een bron
    3. opslag in de kluis na het gebruik van een bron
    4. alle onder [a] tot en met [c] genoemde maatregelen
  • Om welke reden is bescherming tegen röntgenstraling over het algemeen vrij eenvoudig?
    1. omdat de stralingsweegfactor w[SUB]R[/SUB] van röntgenstraling erg klein is
    2. omdat röntgenstraling meestal met een dun laagje lood kan worden afgeschermd
    3. omdat het dosistempo van een röntgentoestel altijd zeer klein is
    4. omdat de indringdiepte van röntgenstraling in het menselijk lichaam zeer klein is
  • Vul de zin aan: Een röntgentoestel voor therapeutisch gebruik, met een maximale buisspanning van minder dan 100 kV...
    1. is in het gebruik niet aan beperkingen onderworpen
    2. moet bij het overheidstoezicht worden gemeld bij aanschaf, bij overdracht en bij beëindiging van het gebruik
    3. mag zonder deskundig toezicht worden gebruikt
    4. is vergunningsplichtig
  • Om welke reden moet een röntgentoestel voor medische diagnostiek van een extra filter zijn voorzien?
    1. om de intreedosis (= huiddosis) sterk te verlagen
    2. om het contrast op de opname te verhogen
    3. om de gevoeligheid van het beeldvormingssysteem te vergroten
    4. om de karakteristieke röntgenstraling te selecteren
 
Volgens mij Oezie refereer je nu naar radioactieve straling. Wat bij dergelijke sterke lasers wel van belang is de optische straling waaraan je wordt blootgesteld. Ik meen dat dit zeer schadelijk kan zijn voor je netvlies. Vandaar dat ook bij deze producten daar voor bestemde veiligheidsbrillen worden meegeleverd. Het lijkt mij ook verstandig iedereen de ruimte te laten verlaten die geen bril draagt wanneer men glasannemonen gaat verwijderen mbv deze methode!
 
Totdat je op een glazig stukje steen schijnt en er een deel van de laserstraal wordt gereflecteerd. Maar goed, ik wil je alleen even waarschuwen. Lasers zijn gevaarlijk.

Dat lasers gevaarlijk kunnen zijn zal ik zeker niet tegenspreken, ook zal ik niet degene zijn die met dingen gaat experimenteren. Als beginner zal ik het houden op beproefde methodes die ook nog eens niet al te moeilijk zijn.
 
Volgens mij Oezie refereer je nu naar radioactieve straling. Wat bij dergelijke sterke lasers wel van belang is de optische straling waaraan je wordt blootgesteld. Ik meen dat dit zeer schadelijk kan zijn voor je netvlies. Vandaar dat ook bij deze producten daar voor bestemde veiligheidsbrillen worden meegeleverd. Het lijkt mij ook verstandig iedereen de ruimte te laten verlaten die geen bril draagt wanneer men glasannemonen gaat verwijderen mbv deze methode!

Klopt ook!
Maar als je dit weet, weet je ook hoe schadelijk die lasers kunnen zijn.
Tevens zou men de hele kamer moeten afschermen, om te voorkomen dat mensen buiten per ongeluk geraakt worden.
Ik denk dat een hoop mensen hier toch veel te licht over denken, en echt niet weten wat voor schade ze kunnen aanrichten.
 
Ik heb een blauwe laser 450 nm, er staat op dat hij 2000 MW is. Dit is illegaal in Nederland en ik zou ze zeker niet te koop aan gaan bieden.




Glasanemonen wegbranden gaat door het glas heen tot een 25 cm in het water. Het richten en bundelen van de straal zodat de laser daadwerkelijk brand, is niet zo simpel. Zeker niet van boven af want je wateroppervlak moet spiegelglad zijn en je hand behoorlijk vast. De mijne is ook waterdicht maar het is wel een chinees ding, dus onder water gebruiken doe ik maar niet.

Helaas komen de glasanemonen gewoon terug, er blijft bij mij blijkbaar weefsel achter na het laseren, wat gewoon weer een glasanemoon wordt.
 
hoi het is een zeer krachtige laser en ik ga hem zeker uitproberen. voordeel van dat hij onder water kan en dat je de glasanemoon van dichtbij kan weglaseren. als hij goed werkt zet ik hem op youtube en misschien ga ik hem dan te koop aanbieden reken op ongeveer 65 euro.

Kennelijk ben je je niet bewust van het gevaar van een dergelijke krachtige laser, anders had al lang besloten dat je zo'n ding niet eens in buurt wilt hebben. Laat staan dat je erin gaat handelen, want dan roep je pas echt de problemen over je af.
Lees onderstaande post, afkomstig uit een lasertopic van infopolitie.nl, eens:


Iedereen die in Nederland laserpointers verhandelt aan consumenten is gehouden aan de Warenwet en Warenwetbesluit Algemene Productveiligheid. Zo valt een laserpointer met batterijen onder de richtlijn Algemene Productveiligheid (2001/95/EG, geldig vanaf 15 januari 2004). Het is de Voedsel en Waren Autoriteit (VWA), als onderdeel van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, die toeziet op de naleving van de Warenwet.
Veelal worden laserpointers aangeboden via internationale webwinkel en internet verhandelplaatsen als Markplaats.nl. Het betreft vaak laserpointers met optische vermogens van enkele tientallen tot honderden milliWatts. Binnen de oogreflex van 0,25 seconden bestaat een kans op tijdelijke of blijvende oogschade.
Stel dat een groene laserpointer met een golflengte van 532nm wordt gebruikt met een vertrekkende bundeldiameter van 1mm en een bundeldivergentie van 1mrad (iedere meter verder wordt de bundeldiameter 1mm groter). De laserveiligheidsnorm IEC EN 60825-1:2007 levert de oogbeschadigingsdrempel bij deze golflengte van 6,3 Joule per vierkante meter oftewel 25 Watt per vierkante meter bij een belichtingstijd van 0,25 seconde (de oogreflextijd).
Nu kunnen we een gevarenafstand bepalen, die we definiëren als de afstand tot de laserpointer waarbij de intensiteit precies gelijk is aan de oogbeschadigingsdrempel. Dit betekent dat er een kans op oogschade bestaat bij afstanden kleiner dan deze gevarenafstanden, immers daar is de intensiteit groter dan de oogbeschadigingsdrempel. De tabel geeft de gevarenafstand afhankelijk van het optische vermogen van de laserpointer.

Laservermogen [W] Gevarenafstand [m]
0,01 20
0,1 70
1 225
10 705
100 2240
Lasergevarenafstand als functie van het laservermogen bij een golflengte 532nm, divergentie 1mrad en een startdiameter van 1mm.

De VWA stelt dan ook al terecht in september 2006 (VWA informatiebladnr. 26) dat het verhandelen van laserpointers aan consumenten van laserklassen 3R, 3B en 4. niet is toegestaan.
 
Nou, volgens mij zijn de waarschuwingen over lasers wel duidelijk. Maar volgens h2otje werkt het dus niet, of is het erg lastig.

Ik kan me dat wel een beetje voorstellen. De voet / maag van de anemoon moet volledig verwijderd / kapot gemaakt worden, want anders kan de anemoon zich aseksueel voortplanten of gewoon verder groeien. En blijkbaar is 1 cel al voldoende om een nieuwe anemoon te laten ontstaan.
Nog vervelender is dat ze vooral aseksueel voortplanten wanneer ze in gevaar zijn of zich in slechte watercondities bevinden. Het is dus zaak om ze snel te laten sterven.

Wanneer je naar de foto's van GlennF kijkt zie je dat de slakken de anemoon eigenlijk heel snel opeten. Hetzelfde geldt denk ik voor azijn. Wanneer je azijn in de voet spuit zal de anemoon geen kracht meer hebben om voort te planten. Maar spuit je niet in de voet, dan is het een ander verhaal.
 
Een vijlvis heeft bij mij tot drie keer toe de glasanemonen goed te grazen genomen. Alleen kwamen ze daarna steeds weer terug. Bij de tweede poging heb ik met een viltstift op de ruit een x aantal poliepen gemarkeerd. Na een week waren ze zichtbaar weg maar na verwijderen van de vijlvis (hij vrat ook mijn Duncanopsammia op) groeiden op de exact dezelfde plaatsen de polipen weer terug! Ik vermoed dus dat de vijlvis weefsel achterlaat waaruit weer een nieuwe poliep ontstaat. na de derde poging was dit idem dito.
Nu zijn de Aiptaisa weer erg groot in aantal dus maar weer iets anders proberen,
Aiptaisa X werkt incidenteel hier, net als de azijn.
Aangezien ik een bak heb met veel kleine visjes is minder voeren geen optie en ik denk dat ik toch maar een pincetvis ga inzetten. deze zal in ieder geval geen last hebben van te grote voedselconcurrentie.

De azijn werkt trouwens wel heel erg goed op Apenhaar. Ik had daarvan een erg actief uitbreidende kolonie en de randen hiervan ingespoten met scoonmaakazijn. Het weefsel viel binnen een dag uitelkaar en was toen gemakkelijk te verwijderen.
 
Gebruik je dat zelf ook?
Ik zal als m`n flesje leeg is een flesje 10% halen.
Ben benieuwd.

Gr. Thom
 
Alles tussen 5 en 10 werkt!
Afhankelijk van de plek en soort die je wilt aanpakken werk een lagere of hogere dosering beter.
De mate van vlok vorming kan meewegen welke beter toepasbaar is voor die betreffende situatie.

greetings, GlennF

Hoi Glen,

Als ik ze injecteer zie ik wel een vlok van de anemoon af komen.
Word dit met de 10% oplossing erger?

Gr. Thom
 
Back
Bovenaan